Tag archieven: onderzoek

Afstrijken of afmeten

Stel, u bent vermogend en overweegt een deel van uw financieel surplus te besteden aan een goed doel. Of misschien doet u dat al. Geven aan een goed doel geeft een goed gevoel, want u helpt (meestal) iets kwetsbaars: een groep mensen, een kunstwerk, een monument of een natuurgebied. Iets dat, in weerwil van alle heersende maatschappelijke krachten, behouden moet blijven.

Eerst een eerlijkheidsverklaring: ik beoordeel zelf aanvragen voor fondsen. U mag mij dus gerust een belanghebbende noemen. Lees daarom vooral het argument, niet de afzender.

Veel mensen geven om hun geweten te sussen. Ze geven enkele tientjes als donateur, om van het gezeur af te zijn, zonder diepgaand commitment, zonder verwachting van resultaat of verantwoording. Een kaartje met een bedankje van het gesteunde doel wordt gewaardeerd en komt alras bij het oud papier terecht. Een beetje, alsof je een pizza bestelt.

Die donateurs hebben wel een mening over het salaris van de directeur van het goede doel. Komt er een schandaal in de media, dan haken ze af – of niet, als ze zich niet herinneren dat er maandelijks een bedrag van hun rekening wordt afgeschreven. De strijkstok is een begrip dat iedereen wel kent en dat meestal, of liever: uitsluitend, wordt gebezigd in combinatie met goede doelen.

Wat is die strijkstok eigenlijk? De uitdrukking heeft niets met muziek te maken, zoals veelal wordt verondersteld. Volgens historiek.net is de strijkstok een maatstok waarmee vaten graan werden afgestreken om de hoeveelheid te bepalen. Het was een systeem waarmee geknoeid kon worden, en de handelaars zichzelf voordeel konden bezorgen. Een koopman kon bijvoorbeeld tijdens het afstrijken met zijn vingers ongemerkt wat graan uit de maat halen. Ook werd er met de strijkstokken zelf geknoeid. (Onze Taal)

Afstrijken was dus knoeien: iets weghalen zonder tegenwaarde. Afmeten is het tegendeel: iemand controleert de maat, zodat u weet wat u krijgt.

Waaruit bestaat de strijkstok bij goede doelen? Vaak denken we aan exorbitante salarissen. Die worden soms geboden, om topmanagers uit het bedrijfsleven te verleiden naar de filantropische sector over te stappen. Alsof je hart ineens op de goede plek zit, als je voor hetzelfde geld bij een maatschappelijke instelling zonder winstoogmerk aan de slag kunt.

Maar de strijkstok bij goede doelen gaat niet over directeurssalarissen. In elk geval niet louter over directeurssalarissen. Noch over vette leasebakken, extravagante uitjes of exorbitante kantoren. Dat zijn uitwassen, en die verdienen kritiek. Het gaat over alle kosten die noodzakelijk zijn om te onderzoeken of geld op een verantwoorde manier besteed kan worden aan een maatschappelijk initiatief. Dat is geen afstrijken. Dat is afmeten.

U wilt het verschil maken? Dan geeft u bijvoorbeeld geen geld aan een organisatie die er toch al in zwemt, of die ruimschoots aanspraak kan maken op financieringsbronnen die wettelijk verankerd zijn. Zoiets moet worden onderzocht en daar is kennis voor nodig.

U kent dat uit uw eigen bedrijf. Vertrouwt u weleens geld toe aan iemand die u nog niet eerder hebt ontmoet? Uw onderzoek beperkt zich dan vermoedelijk niet tot het lezen van het prospectus en een jaarrekening; u maakt liever persoonlijk kennis met de leningnemer en vraagt naar zijn intenties en drijfveren. U maakt afspraken over rendement of terugbetaling, zet die op papier en ziet erop toe dat ze worden nageleefd. En toch gaat het weleens mis: wie is er nooit de mist ingegaan? Het onderzoek vooraf, de due diligence, rekent u tot de kosten van de investering. Niemand noemt de kosten voor de accountant die uw overname doorlicht een deel van de strijkstok.

Zonder gedegen onderzoek geef je
de strijkstok in feite door aan de aanvrager

Neemt u van alle charitatieve instellingen aan dat zij te goeder trouw zijn? Wij van de fondsen gaan uit van de goede bedoelingen van de aanvrager. Echter, goede bedoelingen zijn geen garantie voor succes. Bevlogenheid is mooi, maar kan ook verblinden. En helaas zitten er ook rotte appels tussen de aanvragers. Daarom kijken we verder. Zonder onderzoek bestaat de kans dat je bijdraagt aan een project dat onhaalbaar is. En als het geld is uitgegeven, heb je in feite de strijkstok doorgegeven aan de aanvrager.

Medewerkers van geldgevende fondsen hebben als taak om te onderzoeken of een gift goed terechtkomt en op de juiste manier besteed zal worden. Dat doen we door te kijken naar de manier waarop een plan is geschreven. Zijn aannames logisch en doelen realistisch? Is de doelgroep betrokken? Is er perspectief op voortzetting als de steun van fondsen ten einde loopt? Is er toezicht, en is het personeel gekwalificeerd? Welke staat van dienst heeft de aanvrager? Hoe is de begroting opgesteld en uit welke bronnen wordt die gedekt? Past het plan bij onze kijk op de wereld en draagt het bij aan onze eigen missie?

Om antwoord te krijgen corresponderen we vaak met de aanvrager. Niet zelden volgt er een telefoongesprek waarin vragen worden gesteld. Na afloop maak ik een kort verslag van het gesprek, dat ik deel met de aanvrager met een verzoek tot bevestiging of aanvulling waar nodig. Het beste is om een bezoek af te leggen aan de organisatie. U leert zoveel meer over de mensen erachter; ook krijgt u een beeld van de huisvesting, de sfeer, de omgangsvormen en de noden.

Dit is slechts een deel van de opsomming, maar u krijgt een beeld van wat ons te doen staat. Om dit werk op gedegen wijze uit te voeren, is tijd nodig. Aangezien aanvraagbeoordelaars een inkomen nodig hebben om van te leven, kost dit onderzoekstraject – dus – geld. En daar hebben we een deel van de strijkstok te pakken. Daarnaast moeten aanvraagbeoordelaars gefaciliteerd worden, met een werkplek, een computer, reiskosten, opleiding en bijscholing, personeelsadministratie, een bestuur en hun eigen organen van toezicht, klachtenprocedures, enzovoort. U raadt het al: ook dit maakt deel uit van de strijkstok. Niks exorbitants, maar gewoon: noodzakelijk.

Als er geen strijkstok mag zijn, verlangt u van aanvraagbeoordelaars dat zij al hun deskundigheid gratis beschikbaar stellen, computers uit eigen middelen betalen, zwart reizen en, om niet dakloos te raken, samenleven met een partner die hen financieel onderhoudt. En dat terwijl zij al hun tijd spenderen aan dit werk.

Zou u dat ook van een arts verlangen? Of van een rechter? Van een politieagent? Die voeren ook taken uit ten behoeve van het maatschappelijk nut, en toch accepteren wij dat zij op een juiste manier worden beloond. U zult zeggen: dat wordt betaald uit belastinggeld, en over uw gift beslist u zelf. Maar ook belastinggeld is geld van burgers dat wordt besteed aan het algemeen belang. Waarom zouden professionals in de filantropie dan een uitzondering moeten zijn?

Ik vermoed dat het gevoel meespeelt dat een gift pas zuiver is als elke euro aankomt. Maar een gift die niet is onderzocht, is niet zuiverder. Het is een gok.

De sleutel is een betrokken én onafhankelijke relatie tussen gever en ontvanger. Dat is het werkterrein van de aanvraagbeoordelaars die dit werk doen voor fondsen. Wie wil dat zijn geld verschil maakt, vraagt dus niet hoe dun de strijkstok is, maar hoe zorgvuldig er wordt afgemeten.